Rasverteller, ook zonder klankbord ★★★★

Door Karel Michiels op 30/11/2013 in De Standaard

Raf Walschaerts is een rasverteller, sinds meer dan een kwarteeuw met Kommil Foo en nu ook al voor de tweede keer solo. Een verteller bovendien die actief ingrijpt in zijn verhaal en de personages kneedt en manipuleert tot ze hun juiste plaats hebben gevonden, als in een magische selffulfilling prophecy die heden en verleden definitief met elkaar verzoent.

 Daar komen ontroerende kinderherinneringen aan te pas, vervlogen liefdesverdriet en sociaal engagement, psychologisch doorzicht en filosofische hoogstandjes, goede grappen en tere liedjes. Maar nooit verliest Walschaerts de voeling met de voedingsbodem van de vertelling: de eeuwige strijd tussen vastklampen en loslaten, tussen blijven herkauwen en durven opnieuw te beginnen.

 Zijn lief, zijn ex en haar man, en een asielzoeker: dat zijn de protagonisten die de zelfzekere (deels autobiografische) Raf Walschaerts aan het denken zetten en grappige commentaren ontlokken. Ook al lijkt hij ze zelf te creëren en te bespelen, toch confronteren ze hem met zijn vooroordelen en tekortkomingen. Wat te zeggen en niet te zeggen in het leven? Seks als een dekstier of ‘weker met de dag’? Bluffen met zijn universitair diploma of nog eens dat zot ventje van weleer uithangen? Racist of niet?

 Niet alleen de inhoud is meeslepend. Walschaerts heeft naar aloude Kommil Foo-traditie zo lang geschaafd aan de zinnen tot ze hun eigen ritme en melodie vonden en harmonieus in elkaar overvloeiden. Parlando's zijn het bijna, zoals hij ze ook gebruikt in zijn liedjes. Die zul je nooit spontaan meezingen, maar ze kloppen wel perfect, tekstueel en muzikaal.

 ‘Mensen die niet veranderen zijn dode mensen’, zegt het personage Raf Walschaerts. Het is een van de zinnen waarover hij goed heeft nagedacht, en die hij presenteert met een relativerende knipoog. Je zou kunnen zeggen dat hij zelf maar weinig verandert, dat hij met deze voorstelling niets nieuws brengt en de klassieke thema's en stijlkenmerken van Kommil Foo herneemt, maar dan zonder zijn broer Mich erbij. Terwijl dat laatste natuurlijk net het grote verschil is. Zonder klankbord en tegenspeler is deze verteller volledig aangewezen op zichzelf, en zoekt hij als vanzelf contact met anderen, ook al zijn dat soms stereotypes of ideaalbeelden. Die heb je nodig in een goed verhaal, en Raf Walschaerts gaat ook op briljante wijze aan de slag met die clichés. In een tegelijk heerlijk vertrouwde en inhoudelijk toch totaal onvoorspelbare voorstelling.

Publicatiedatum: 
zaterdag 30 november 2013
Verschenen in: 
De Standaard