Kommil Foo kijkt suggestief in de spiegel

Door Dirk Fryns, 23/02/2016 in Metro

"Een schoft kan ook empathie laten zien"

‘Schoft’, is de nieuwe, niet te missen plaat Kommil Foo. Het is een kort maar krachtig woord: de klinker verschuilt zich achter drie medeklinkers om dan plots gemeen uit je mond te knallen met amper ademruimte voor de ‘f’ en de ‘t’. Het is een woord zonder tederheid! Of vergissen we ons?

De korte perstekst rond ‘Schoft’ heeft het over het leven zelf dat zich als een geniepig schoftje gedraagt. Het slaat, zalft, schuurt en gedoemd om ooit te eindigen. De immer vallende mens die keer na keer weer opstaat, het is de troost biedende held in het universum van Raf en Mich Walschaerts.

Mich Walschaerts: ‘We zijn allebei grote Griekenland-fans en gaan daar vaak schrijven. Ze hebben daar een woord dat zowat in elke zin verschillende keren gebruikt wordt, ‘malaka’. Vrij vertaald zoiets als schoft of klootzak en letterlijk vertaald ‘afrukker’. Een Griek gebruikt het wanneer hij echt kwaad is maar ‘malaka’ hoor je evengoed binnen een teder kader. Je kan ontroerd zijn en troostend over iemands hoofd wrijven. Er is altijd plaats ‘malaka’. En dat zie je aan de foto bij ‘Schoft’.’

Raf Walschaerts: ‘Iedereen verwacht natuurlijk dat het over een schoft gaat en dat verwachtingspatroon had je minder bij een voorstelling als ‘Breken’. Ondertussen zijn we ouder geworden en beseffen we beter dat er honderden kanten aan één medaille zitten. Iedereen heeft een mening en ventileert die van op een hoge stelling. Heel veel van die meningen kan ik begrijpen, al houdt het natuurlijk op wanneer je in de naam van iets hogers een concertzaal of redactieruimte binnenvalt. De toenemende polarisatie intrigeert me wel en daar is veel van terug te vinden in ‘Schoft’.’

Kan jeeen schoft zijn voor de ene en een held voor de andere?

Mich: ‘Dat is nooit eenduidig. We spelen met de dualiteit dat de mens in staat is tot de grootste heldendaden maar tegelijkertijd de meest verwerpelijke, bloederige handelingen verricht.’

Jullie hebben een veeleisende werkethiek. Jullie schrijven in afzondering, werken elke scene meticuleus uit en doen maandenlang try-outs. Moet er hard gewerkt worden voor een staande ovatie in ontvangst genomen kan worden?

Raf: ‘Wat is er mooier dan hard werken aan iets dat je echt wil en zo graag doet? Het voelt nooit aan als werk maar we werken wel bijzonder hard aan elke voorstelling. De lat ligt steeds hoger en toch moet je er zo natuurlijk mogelijk overheen springen. Als het op kunst en vliegwerk begint te lijken, val je door de mand en na al die jaren hebben we een publiek opgebouwd dat ons zeer goed kent.’

Jullie zouden ook zonder persaandacht kunnen spelen voor volle zalen.

Raf: ‘Een luxepositie die we door de jaren heen hebben opgebouwd maar we zijn er ons zeer goed van bewust. Het wordt pas gevaarlijk wanneer je het als vanzelfsprekend aanneemt. Dan klopt de hoogmoed aan je deur.’

Mich: ‘Dat succes verhoogt de druk want mensen verwachten iets. Daarom moeten we ook een insteek vinden die een minder bekende kant van ons laat zien. Eigenlijk werken we al die jaren vooral rond troost.’

Troost is en blijft een zeer mooie insteek.

Raf: ‘Om te laten zien wat troost dan wel is, moet je eerst de smeerlapperij, hardheid en pijn tonen. Alleen dan weet je of er in de schoft ook ergens een wezen schuilt dat mededogen, empathie of wat dan ook kan tonen.’

Wanneer hebben jullie het gevoel dat een voorstelling geslaagd is?

Raf: ‘Wanneer het aanvoelt alsof we geprobeerd hebben het perfecte gedicht te schrijven. We zijn geen stand-up comedians en slechts zelden ventileren we een eigen mening. Ons publiek moet in staat zijn om voor zichzelf te kunnen denken en zo haalt iedereen iets anders uit een voorstelling. Geef ons maar de suggestieve spiegel.’

Kommil Foo speelt op 26/02 en 27/02 in de Arenbergschouwburg in Antwerpen.

 

 

Publicatiedatum: 
dinsdag 23 februari 2016
Verschenen in: 
Metro
PDF-versie: 
Productie: