De wonderbaarlijke tweeling Raf en Mich

-door Karel Michiels-

Kommil Foo evenaart de perfectie

We zijn toch allemaal zo breekbaar, hoezeer we dat ook proberen te verhullen. Kommil Foo heeft er alweer een prachtige voorstelling over gemaakt: ´Breken´.

Het heeft geen zin om te zeggen dat Breken nog beter is dan de vorige producties van Kommil Foo. Het duo benaderde toen al de perfectie, inhoudelijk, vormelijk en muzikaal. Het is al een prestatie op zich als je dat hoge niveau kunt handhaven, en dat doen Raf en Mich Walschaerts. Maar ze lijken zich zelfs nog beter in hun vel te voelen dan ooit, waardoor er een nog grotere verbondenheid met het publiek ontstaat. Er mag op het einde zelfs meegezongen worden.

Je hoort ze zelden op de radio, de songs van Kommil Foo, Vlaamse blues pur sang. Misschien omdat ze pas echt goed tot hun recht in de verhalen die het duo vertelt op het podium? In deze voorstelling zien we twee mannen, vrienden, die zich sterker voordoen dan ze zijn, die hun eigen dubieuze gedrag met veel zwier rechtvaardigen en verantwoorden, om dan plots tot de onthutsende vaststelling te komen dat ze fout bezig zijn. Gelukkig heeft ´de ene´ dan nog altijd ´de andere´ om hem weer uit het moeras te helpen. Breken is evenzeer een ode aan de liefde en de vriendschap als een beschouwing over de valkuilen van het leven.

Applaus

Liedjes worden als vanouds netjes afgewisseld met sketches, en na elk nummer volgt applaus. Dat klinkt oubollig en voorspelbaar maar die vorm zit Raf en Mich nu eenmaal als gegoten, en de som van de delen is in dit geval nog zoveel mooier. Kommil Foo voert veeleer een toneelstuk op dan een cabaretprogramma, meer Wachten op Godot (zij het een stuk grappiger) dan hun eigen Spaak en Wolf. De verstandhouding tussen de broers is nog sterker geworden, hun amenspel nog warmer en natuurlijker, hun samenzang nog mooier en aangrijpender.

Als gerijpte rappers vullen ze elkaar aan, soms met een grom of een grauw, een lach of een blik, soms met één treffend woord of een regel poëzie. De ene speelt viool, de andere gitaar, piano, mondharmonica of lepels, en het is alsof ook de instrumenten niet zonder elkaar kunnen. Zelfs als Raf en Mich een paardenhoofd opzetten en de ene de andere probeert te troosten met een gefluisterde grap, vormen ze een wonderbaarlijke, organische tweeeenheid, even grappig en ontroerend als de twijfelende mannen zonder masker.

Onderbroek

Wat te doen als je overspel hebt gepleegd? Als je spiegelbeeld je zegt dat het niet meer van je houdt? Als iemand je vraagt hoe het met je is? Het antwoord kan een droef of smachtend lied zijn maar evengoed een hallucinant sprookje over een prinses, een wanstaltig monster en ´eeuwig hunkerende mensen´. Het zijn vragen die een mens ook tot waanzin kunnen drijven. Plots staat Mich in zijn onderbroek, kierewiet geworden na een felle strijd met de allegorische ventilator en een legertje vuilnisbakken.

Zoals elk woord en iedere muzieknoot een bijzondere betekenis hebben in het werk van Kommil Foo, zo ook de zorgvuldig uitgekozen rekwisieten en het prachtige decor. Het ziet er allemaal vrij sober en eenvoudig uit, maar dat is een kenmerk van grote kunst, en Kommil Foo maakt kunst, hoe ongekunsteld hun voorstellingen ook mogen lijken en hoe grappig en familiair ze ook uit de hoek durven te komen, als een waarachtig komisch duo.

Als bisnummer zingen Raf en Mich samen met het publiek ´Allemaal de pijp uit´, hun eigen ´Bright side of life´, en sturen iedereen goedgemutst en gelouterd naar huis. De lach heeft de traan weer eens overwonnen. Maar het was wel nipt.

Publicatiedatum: 
maandag 30 april 2012
Verschenen in: 
De Standaard
Productie: